Waarom Pro-M?

Onze samenleving wordt steeds diverser, ook op het vlak van taal. Meer en meer kinderen groeien op in een meertalige context. Zo blijkt uit cijfers van Kind en Gezin dat bij 29% van de kinderen geboren in Vlaanderen in 2018 de meest gesproken taal tussen moeder en kind niet het Nederlands is. In grootstedelijke contexten ligt dit aantal nog hoger. Meertaligheid in de vroege kinderjaren (0 tot 3 jaar) is dus een realiteit.

voor 29%

van kinderen geboren in Vlaanderen in 2018 is de meest gesproken taal tussen moeder en kind niet het Nederlands.

Wat is Pro-M?

In voorzieningen waar ouders met jonge kinderen komen zoals kinderopvang, consultatiebureaus, Huizen van het Kind, bibliotheken,… is deze meertalige diversiteit uiteraard ook merkbaar. Het groeiende aantal meertalige gezinnen die zij over de vloer krijgen brengt een enorme rijkdom en kleur mee, maar stelt de professionals die er werken tegelijk voor heel wat uitdagingen. De interesse om hierover meer te weten te komen is dan ook zeer groot.

Om zicht te krijgen op de noden van professionals rond dit thema, besloten drie universiteiten (KU Leuven, Universiteit Gent en de Vrije Universiteit Brussel) en drie sociale organisaties (Kind en Gezin, VBJK en Iedereen Leest) samen te werken en ontstond het Pro-M project. Pro-M loopt van 2018 tot 2021 en staat voor ‘promoting early multilingualism in childhood and childcare’.

Het project wil in kaart brengen hoe professionals en ouders van kinderen die meertalig opgroeien vandaag denken over en omgaan met meertaligheid en hoe ouders en professionals samenwerken. Vanuit deze kennis willen we professionals in de kinderopvang, de gezinsondersteuning en bibliotheken ondersteunen.

Reeds meer dan 20 organisaties hebben zich geëngageerd om de resultaten van Pro-M op een duurzame en bruikbare manier te verankeren.

De verschillende fases van Pro-M